Uitladen op 6 augustus transport Hongarije

08 augustus 2016

Vrachtwagen vertrokken naar Hongarije

Op donderdag 4 augustus 2016 stuurde Stichting Kinderen in Nood een vracht hulpgoederen naar onze contactpersoon dominee Gusztáv Fodor in de plaats Tiszaderzs in Hongarije.

In de vrachtwagen zaten onder andere 12 eenpersoons bedden met 12 matrassen, 23 dozen dekbedden, 70 dozen dekens, 56 dozen lakens, 36 kussens, speelgoed, kleding, 66 dozen met jassen en jacks, 20 dozen ondergoed, 93 dozen schoenen, 3 koelkasten, 20 fietsen, 29 stoelen en ziekenhuiskleding.

Het uitladen

Gusztáv Fodor berichtte ons:

“Johan wenste ons een fijne dag bij het uitladen van de vracht. De vrachtwagen reed vanaf Nederland tot Oostenrijk in zware regen. Maar in Hongarije werd het zomerweer: blijdschap en zonneschijn.

We begonnen zaterdagmorgen om 08.30 uur met uitladen. Om 10.30 uur waren wij klaar, dank zij het goede teamwerk van onze vrijwilligers.

Wij willen jullie bedanken voor deze vracht. Bedankt voor jullie vriendelijkheid en het professionele werk. We weten wat het betekent om een vrachtwagen van 100 kuub te vullen met goederen, hoeveel werk het is om één zo’n truck te vullen. Duizenden uren werk met jullie liefde en vriendelijkheid betekenen voor ons dat Stichting Kinderen in Nood een professionele goede doelen organisatie is met heel veel potentie voor de toekomst. 

Het grootste deel van het speelgoed, de kleding, schoenen et cetera gaan naar de arme Oekraïense kinderen in het zomerkamp. Maar vandaag hebben we enkele goederen direct vanuit de vrachtwagen verdeeld.

  • Naar het tehuis voor gehandicapten in Banhalma gingen vier vierkante meter kleding en schoenen en ook een medicijnkast.
  • Het tehuis voor ouderen in Tiszaszentimre ontving een ziekenhuisbed, twee matrassen, een kastje en incontinentie materiaal.
  • Het sociale centrum in Tiszaszőlős kreeg 7 á 8 kubieke meter kleding, zes stoelen, een bed, twee matrassen en een medicijnkastje.

Wij zijn gelukkig en er trots op om met jullie samen te werken!

God bless You!”

Gusztáv